|
|
|
Algemene voorwaarden voor toegang in het Schengengebied
Voor toegang in het Schengengebied gelden de volgende criteria:
- Personen moeten een geldig document voor grensoverschrijding bezitten.
(Art. 3.1, lid a Vreemdelingenwet 2000.)
- Zo nodig moet dit document zijn voorzien van een geldig visum, b.v. een transitvisum, een reisvisum, machtiging voorlopig verblijf, een terugkeervisium of geldige verblijfstitel van één der Schengenlanden.
(Art. 3.1, lid a Vreemdelingenwet 2000.)
- Men moet in het bezit zijn van voldoende middelen om te voorzien in zowel de kosten van verblijf in Nederland als in die van zijn reis naar een plaats buiten Nederland, waar zijn toegang is gewaarborgd.
(Art. 3.1, lid c Vreemdelingenwet 2000. Art. 12, lid 1b Vreemdelingenwet 2000. Art. 2.10, Vreemdelingenbesluit 2000. Art. 2.11, Vreemdelingenbesluit 2000)
- De persoon mag geen gevaar zijn voor de openbare orde of nationale veiligheid.
(Art. 3, lid 1b Vreemdelingenwet 2000. Art. 12, lid 1d Vreemdelingenwet 2000. Art. 2.9 Vreemdelingenbesluit 2000.)
|
 |